Wijn en stokbrood een heerlijke combinatie

Elk jaar is er in Parijs een wedstrijd stokbroodbakken, de “Grand Prix de la Baguette”. Wie bakt ze het bruinst.
Dit jaar deden 174 bakkers mee en de gelukkige winnaar was de 52-jarige Pascal Barillon van bakkerij “Au levain d’Antan” in Parijs.
In Frankrijk en België ziet men ze ’s-morgens allemaal lopen met een baguette achteloos onder de arm geklemd, vaak tesamen met de krant, richting het café.
Stokbrood speelt hier in Nederland nog steeds een ondergeschikte rol. Vele restaurants serveren een mandje stokbrood met kruidenboter, maar vaak vindt je ook minibroodjes of andere creaties die men even gauw warm maakt in de oven, geen echte tractatie.

stokbrood

Maar wanneer het weer het toelaat en we allemaal aan het barbequen slaan, dan wint het stokbrood ineens aan populariteit en rennen we met z’n allen naar de bakker die dan vaak nee moet verkopen, de meesten zijn dan genoodzaakt om naar de supermarkt te gaan.
Mijn geliefde stokbroodje zal ik vast niet bij de supermarkt halen, ik geef de voorkeur aan de warme bakker, maar ook daar zit een heleboel verschil in.
Wanneer een stokbrood na twee dagen nog heerlijk vers is, kunt u wel nagaan dat dit niet klopt. Een goed stokbroodje is snel een oud stokbroodje. Dit is voor velen vaak een probleem, vooral voor de horeca. Het valt niet mee om de hele dag door vers stokbrood te blijven leveren, vandaar het afbakbrood.
Hoe herkent u een goed stokbroodje : hij moet geuren naar brood, een knapperige goudbruine korst hebben en de onderkant lichtbruin, de binnenkant mag niet plakkerig zijn als kauwgom in de mond, het moet vooral luchtig zijn en geen vol gevoel geven.
Die Fransen, gekke jongens als ze zijn, maar wel weten wat lekker is, doen ook allerlei rare dingen met dit stokbrood, zoals het soppen in de wijn of na het verorberen van een bordje soep, hun bord reinigen met een stukje stokbrood.
En u bent gewaarschuwd, pas op voor te bleke stokbroodjes.